Sinds kort mag ik mee’zwemmen’ met een groep vrouwen in het revalidatiecentrum. Fijn voor het lijf en goed voor de rest. Het is me opgevallen dat we stiekem ook oordelen ‘wie het het ergst heeft’. Tot nu toe kom ik aardig uit de strijd, omdat ik zo jong ben en weinig kan lopen.
ergheids-vergelijking
Maar: ik heb weer helemaal geen last van mijn handen en polsen, terwijl anderen niet eens iets kunnen vastpakken zonder hulpmiddel. Dus meestal ben ik blij met wat ik wèl kan als ik me met anderen vergelijk.
Laatst zat ik naast een lotgenoot op het bankje in de kleedkamer. We waren aan het wachten tot we naar het zwembad konden. Ze keek naar mijn knieën die verschillende operatie-littekens hebben. “Wat ziet dat er mooi uit! Moet je die van mij zien.”. Inderdaad: ik heb vooral kleine littekens van de kijkoperaties. Zij had een hele lange jaap op haar knie. Maar de buitenkant zegt niet alles. Dus ik vroeg hoe vaak zij geopereerd was aan die knie. 5 keer. Met enige trots kon ik haar overtroeven: ik 7 keer!