Ik heb er weer een (deze keer zelfverklaarde) diagnose bij. Een bijzondere, want met deze ben ik wél blij! Komt ie dan…. ik lijd aan chronische hoop. Hoe ik hierop kom, vertel ik hieronder. Het begon met teleurstelling toen ik weer eens weken uit de roulatie was. Het raakte me hard, juist omdat het daarvoor relatief goed ging. Ik begon zelfs te fantaseren dat de kinderen misschien minder met het leerlingenvervoer konden. En dat ik ze -als het weer warmer was- af en toe lekker zelf naar school kon brengen. Ik zag ons al met mijn zelfrijdende bakfiets, allemaal met een grote glimlach.
Het kriebelt naar meer
Gelukkig was de taxi nog niet afgebeld, want ineens was die weer keihard nodig. Zodra de kinderen ’s ochtends waren opgehaald voor school, ging ik terug naar bed. Dat lijkt niet verrassend, want inmiddels weet ik echt wel dat mijn gezondheid grillig is en blijft. Telkens merk ik dat ik niet zomaar arbeidsongeschikt ben verklaard. Mijn leven is daar ook op ingericht. Ik hoef bijna niks als het minder gaat, en kan wel dingen doen als het beter gaat. Een perfect uitgangspunt om helemaal ‘in het nu te leven’. Dat kan ik ook vrij goed, maar toch kriebelt vanbinnen altijd de behoefte naar meer. En als het tegendeel wordt bewezen, baal ik. Is het dan nooit goed?
Ik ben me gaan verdiepen hoe dat bij mij werkt. En heb ontdekt dat de teleurstelling gekoppeld is aan hoop. Want hoe tevreden ik meestal ook ben, er is altijd hoop die zegt: “misschien heb ik deze keer ontdekt wat werkt en wordt het toch nog beter!” Ik fantaseer over actiever zijn voor de maatschappij, vaker vrienden en familie kunnen zien en meer bewegen. Met stapjes in de goede richting zou ik al heel blij zijn. Bijvoorbeeld als ik lachend op die bakfiets kan zitten met mijn kinderen. Of misschien zelfs een keer bij hen op school helpen?
Zonde of deugd?
Is die hoop dan zonde is van mijn spaarzame energie? En staat het acceptatie in de weg? Misschien wel. Deels. Maar het geeft ook iets heel groots; het motiveert om er een zo’n mooi mogelijk leven van te maken. Voor mij en mijn omgeving. Hoe meer ik me in die hoop verdiep, hoe meer ik de superkracht van hoop ontdek. Ik lees er nu twee boeken over.
De eerste is geschreven door hoogleraar neuropsychologie Erik Scherder en cardioloog Leonard Hofstra. Het heet ‘HOOP voor hart en hersenen’. Het boek geeft een lange wetenschappelijke definitie van hoop. Te lang voor hier. Maar de quote van Barack Obama die ze aanhalen, vind ik treffend: “Hoop is datgene in ons dat, ondanks alle bewijzen van het tegendeel, volhoudt dat ons iets beters te wachten staat als we de moed hebben om ernaar te reiken, om ervoor te werken en om ervoor te vechten.
Control the controllables
Dat is dus wat ik voel! En wat succesvolle zeilster Marit Bouwmeester ook in de praktijk bracht. Ze haalde wist 4 olympische spelen op een rij medailles te winnen. En dat ging niet vanzelf. In haar boek ‘Winnen met je hoofd’ deelt ze haar ervaringen en inzichten, gecombineerd met kennis uit de sportpsychologie. Ze neemt je mee in de wereld van mentale kracht, persoonlijke groei en zelf de regie nemen. En laat zien dat je prima doelgericht kan zijn terwijl je rekening houdt met alles wat er is. Mijn moeder moest bij haar verhaal aan mij denken en ik herken inderdaad veel. Want Marit en ik focussen allebei op zelfzorg, acceptatie én de toekomst. Het wordt beschreven als ‘Control the controllables’ en lijkt op Stoïcisme: “Oefen optimaal invloed uit op wat in je macht ligt en neem al het overige zoals het is. Dat betekent ook het leren verdragen en accepteren van factoren waarover je géén invloed hebt.” Ik wil ook blijven ontdekken wat ik wél kan en waar ik van waarde kan zijn. Met die veranderdrift neem ik het risico dat ik soms over mijn grenzen ga, maar die prijs betaal ik graag. Want ik word beloond met het gevoel dat ik keihard leef.
Een boom planten
Door vast te houden aan grote doelen, heb ik een richting en neem ik regie over mijn leven. Ik weet wat ik wil bereiken en dat een droom bestaat uit kleine stapjes. Neem mijn tuin bijvoorbeeld. Volgens velen te groot en bewerkelijk voor iemand in mijn situatie. Maar toch liet ik een tuinontwerp maken, vol met al onze wensen. We begonnen gewoon bij een kleine border. Telkens een stukje met veel hulp, aangevuld met lessen over meebewegen met de natuur. En nu, een paar jaar later is die tuin een paradijs. De uitspraak: ‘to plant a tree is to believe in tomorrow’ werd realiteit. Omdat ik erin geloofde en het voor me zag. Er prioriteit aan gaf. En elke dag dat ik kon, een klein stapje zette om daar te komen. Ik genoot ook van het proces, omdat er veel (natuurlijke) ontdekkingen op mijn pad kwamen. Zoals een winterslapende egel in de composthoop. En als het moeilijk was, wist ik dat ik iets moois aan het creëren was.
Die aanpak past goed bij andere hoop-genoten. Want, zo lees ik in het boek van Scherder & Hofstra: “Mensen die ‘goede hoop’ hebben en erop gebrand zijn een bepaald doel te bereiken, hebben meestal ook een duidelijke route uitgestippeld om te komen waar ze willen zijn. Ze hebben vertrouwen in die route. Diezelfde mensen zijn bovendien goed in het bedenken van alternatieve wegen naar hetzelfde eindpunt.” De hoop waarover zij schrijven, is geen irreëel verlangen zoals onsterfelijk worden. Maar het is ook geen oppervlakkige wens, zoals hopen dat je lekkere taart krijgt op een feestje. Het gaat over een realistische en diepe hoop op iets wat niet makkelijk te bereiken is en waarbij het onzeker is of het gaat lukken.
Diepe hoop
Dat herken ik ook van mijn relatie. We hadden een moeilijke tijd waarin het leven stilstond. Erger nog: achteruit leek te gaan. Het huis kreeg niet het nodige onderhoud en financieel zag het er rood uit. Het was overleven met weinig ruimte om elkaar echt te zien. Nu de rust terugkeert en het helder is wat realistisch is voor onze toekomst, komt de hoop weer om de hoek kijken. Samen bedenken waar we willen staan over een paar jaar en wat daarvoor nodig is. Veelal is het te ambitieus wat we bedenken. Zou het niet slimmer zijn om ons neer te leggen bij de huidige situatie? En ons teleurstellingen, werk en focus te besparen van alles wat geen realiteit wordt? Nee. Want het geeft ons energie om vooruit te kijken en samen te werken aan iets wat groter is dan het alledaagse leven. En nog een winst: sommige plannen blijken nog realistisch ook!
Hou en train hoop!
Het mag duidelijk zijn: hoop wens ik iedereen toe. En het mooie: het is trainbaar! ‘Hoop voor hart en hersenen’ geeft o.a. de tip om niet alleen doelen te stellen, maar ook te formuleren wat er nodig is om tot actie over te gaan. Verder kan je werken aan positief denken en veerkracht en visualiseren. Ook zijn er helpende coping strategieën, optimismetrainingen en cognitieve gedragstherapie. En misschien wel het leukst….humor versterkt hoop!
Dus: lach, blijf dromen en stappen zetten.
Credits, meningen en meer
- Ik verwijs naar het in 2023 verschenen boek ‘HOOP (Humor, Ontspanning, Optimisme en Positiviteit) voor hart en hersenen van Erik Scherder en Leonard Hofstra.
- Ook schrijf ik over het in 2025 uitgebrachte boek ‘Winnen met je hoofd: de psychologie van optimaal presteren” van Marit Bouwmeester en hoogleraar sportpsychologie Nico W. van Yperen.
- Is mijn verhaal herkenbaar voor jou of heb je een andere reactie op dit bericht? Ik lees het graag! Laat dan vooral een bericht achter onderaan deze pagina. Ik zal reageren.
- Nieuwsgierig naar de tips voor een leuk leven met een lastig lijf? Wie weet heb jij er ook wat aan.
- Nieuwsgierig naar meer berichten op lekkerflexibel.nl? Onderaan deze site zie je een knop met ‘lekkerflexibel.nl’ volgen. Klik je daarop, dan kan je je aanmelden als je een email wilt ontvangen bij nieuwe berichten (dat vind ik leuk!).
- Je kunt natuurlijk ook verder lezen op de rest van mijn blog, zoals de categorieën ‘Kijk- en Kliktips’, Alledaagse Avonturen en Mindermobiel Moederen.